Hoofdaanbevelingen

In dit advies brengen we de muzieksector in kaart en analyseren we deze vanuit artistiek, maatschappelijk en economisch perspectief. Elk hoofdstuk eindigt met enkele aanbevelingen aan overheden, fondsen en de sector die direct betrekking hebben op de analyse. In het slothoofdstuk vatten we onze aanbevelingen samen in een zestal prioriteiten voor de minister van OCW:

  1. Ontwikkel een integraal, inclusief muziekbeleid. Bezie hierbij alle genres, actoren en functies in het ecosysteem in samenhang met elkaar en sluit geen genres, makers of publieksgroepen uit. Besteed zowel aandacht aan innovatie als aan excellentie en topkwaliteit. We bepleiten niet dat alles en iedereen in aanmerking moet komen voor aandacht of subsidiëring vanuit de overheid; wel dat in alle genres creatie, innovatie, experiment, toptalent en topkwaliteit deze aandacht verdienen.
  2. Besteed behalve aan productie en presentatie van muziek ook substantiële aandacht aan talentontwikkeling, educatie, beheer en behoud, en innovatie en experiment. Dit zijn functies die de sector duurzaam en veerkrachtig maken, maar die sinds de bezuinigingen in het gedrang zijn gekomen. Zonder deze essentiële functies is een gezond muzikaal ecosysteem ondenkbaar.
  3. Erken de kenmerken en kracht van een regionaal muziekklimaat. Wij bepleiten een nauwe samenwerking tussen overheden, fondsen en de sector bij het ontwerpen van muziekbeleid. Breng samen met alle muzikale partijen per stad of stedelijke regio in kaart hoe het muzikale ecosysteem eruitziet, waar de muzieksector sterk in is, waar problemen bestaan en wat overheden en sector voor elkaar kunnen betekenen om kwaliteit te behouden en knelpunten te ondervangen. Koester hierbij het bestaande en omarm het nieuwe.
  4. Herbezie de samenstelling van de culturele basisinfrastructuur en scherp de opdracht aan het Fonds Podiumkunsten aan. Onderzoek tevens de taak, inhoud en plaats van de omroepensembles. Wij pleiten voor een BIS die excellentie en topkwaliteit in de volle breedte van de muziek vertegenwoordigt en voor een Fonds Podiumkunsten dat beter is uitgerust om dynamiek, innovatie en experiment in de sector mogelijk te maken.
  5. Besteed in het muziekbeleid expliciet aandacht aan diversiteit. Bijna iedereen houdt van muziek, maar toch vormt het gesubsidieerde muziekaanbod nog onvoldoende een afspiegeling van de Nederlandse bevolking of van de aanwezige variëteit aan genres, en ook worden lang niet alle publieksgroepen bediend. Juist de muzieksector biedt hier kansen; we zien een enorm potentieel aan genreverbreding en publieksuitbreiding. Muziekprofessionals komen uit zeer diverse hoeken, het totale Nederlandse muziekaanbod is veelkleuriger dan ooit, het publiek is breed en gevarieerd en bereid zich te verdiepen. Deze ontwikkelingen dringen echter nog onvoldoende door tot de gesubsidieerde sector. Dit bemoeilijkt voor veel genres en spelers professionalisering, artistieke uitwisseling en experiment, en staat verbreding, verdieping en interactie bij het publiek in de weg.
  6. Besteed in het muziekbeleid expliciet aandacht aan de verbetering van de arbeidsmarkt voor muziekprofessionals. Er gaapt een flinke kloof tussen de inzet van werkenden in de sector en de verdiensten die daartegenover staan. Muzikanten en musici doen in maatschappelijk en economisch opzicht een flinke duit in het zakje, maar krijgen daar zelf bar weinig voor terug. Wij bepleiten dat de overheid en de sector gezamenlijk de verantwoordelijkheid op zich nemen om hier verbetering in aan te brengen, om te beginnen door uitvoering te geven aan de recent uitgebrachte, zeer waardevolle Arbeidsmarktagenda van Kunsten ’92, en hierover intensief in gesprek te blijven.
Voorwoord Muziek in dialoog Hoofdaanbevelingen